Persvrijheid: internetcensuur – filters

Kindermisbruik Amsterdam: Nederlandse overheid was op de hoogte

http://werkgroep-morkhoven.skynetblogs.be/archive/2011/01/06/kindermisbruik-amsterdam-nederlandse-overheid-was-op-de-hoog.html?cl

Op voornoemde link kreeg de vzw Werkgroep Morkhoven de volgende commentaar:

“Een verhaal over Marcel Vervloesem of kinderpornozaak Zandvoort mag nergens aandacht krijgen. Er wordt een leugen verteld, flink wat gerommeld en voila, zaak onder het tapijt.  TV uitzendingen zijn er alleen in Belgié, Duitsland en Frankrijk geweest. In Nederland zijn TV uitzendingen tegengehouden.  Als ik jullie verhaal lees dan is het onmogelijk maken van communicatie nog steeds het speerpunt.

In Nederland is men thans bezig om er een internet filter door te drukken. In België is er iets vergelijkbaars. Het enige doel is websites op zwart te kunnen zetten. In Nederland heeft de minister van justitie een keer gezegd dat het afgelopen moet zijn met die ‘lastige sites’. Sites over hem en het nooit onderzochte kindermisbruik van de hoogste man van justitie, secretaris generaal Joris Demmink, moeten uit de lucht worden gehaald.  Bezoekers van dergelijke sites moeten geregistreerd worden.

De filters tonen aan dat men gevallen van kindermisbruik niet serieus wil opsporen.

Vier aangiftes over kindermisbruik tegen Joris Demmink, die zelf heeft toegegeven sex met minderjarige jongens te hebben, worden niet onderzocht.

Binnenkort worden wij in de gaten gehouden en sites als deze “op zwart gezet” zodat het laatste effectieve communicatiekanaal verdwijnt.

https://www.bof.nl/blog/ https://www.bof.nl/2011/04/12/kiezen-we-eindelijk-voor-verwijderen-in-plaats-van-verbergen/

https://www.bof.nl/blog/

——

Reactie van de vzw Werkgroep Morkhoven:

“Bedankt voor je informatie. Men heeft reeds al het mogelijke gedaan om onze blogs en websites van het Internet te laten verdwijnen. Zelfs onze Facebook accounts en groepen werden een paar maanden geleden gedesactiveerd en opgeheven (waardoor al onze informatie verdween).

En ik heb enkele maanden geleden vastgesteld (en dat gebeurde niet alleen in ons geval), dat bepaalde berichten en commentaren op Facebook werden weggefilterd.

Het is mij niet duidelijk op welke manier Facebook en Internet-politiediensten samenwerken maar een overleg en/of samenwerking zal er zeker wel bestaan.

In België hebben de Internetproviders enkele jaren geleden reeds, een samenwerkingscontract met Justitie getekend. En niemand weet natuurlijk wat dit samenwerkingscontract precies inhoudt.”

Advertenties

Over kruitvat

I am working for the Belgian human rights association 'Werkgroep Morkhoven' which revealed the Zandvoort childporn case (88.539 victims). The case was covered up by the authorities. During the past years I have been really shocked by the way the rich countries of the western empire want to rule the world. One of my blogs: «Latest News Syria» (WordPress)/ Je travaille pour le 'Werkgroep Morkhoven', un groupe d'action qui a révélé le réseau pornographique d'enfants 'Zandvoort' (88.539 victims). Cette affaire a été couverte par les autorités. Au cours des dernières années, j'ai été vraiment choqué par la façon dont l'Occident et les pays riches veulent gouverner le monde. Un de mes blogs: «Latest News Syria» (WordPress)/ Ik werk voor de Werkgroep Morkhoven die destijds de kinderpornozaak Zandvoort onthulde (88.539 slachtoffers). Deze zaak werd door de overheid op een misdadige manier toegedekt. Gedurende de voorbije jaren was ik werkelijke geschokt door de manier waarop het rijke westen de wereld wil overheersen. Bezoek onze blog «Latest News Syria» (WordPress) ------- Photo: victims of the NATO-bombings on the Chinese embassy in Yougoslavia
Dit bericht werd geplaatst in Uncategorized en getagged met , , , . Maak dit favoriet permalink.

5 reacties op Persvrijheid: internetcensuur – filters

  1. kruitvat zegt:

    Archief:

    Internet en persvrijheid: volstrekte vrijheid of digitale dictatuur?
    3 mei, 2008
    Centre Ceramique, Maastricht

    Het Internet schept nieuwe kansen, maar ook nieuwe bedreigingen voor persvrijheid. Hoe eenvoudig kan een nieuwssite van een van onze dagbladen uit de lucht gehaald worden en wie is daartoe in staat? Wie bepaalt welke discussie of mening vindbaar is op het web? Mediabedrijven zoals Google of individuele staten? Worden persvrijheidgrenzen nog wel nationaal bepaald? Is de nieuwe orde al in handen van Microsoft en Google en voeren landen als China een achterhoedegevecht? Hoe kunnen mediabedrijven actief bijdragen aan persvrijheid in het digitale domein en voor welke dilemma’s komen ze te staan?

    Het comité ‘Dag van de Persvrijheid’, waarin vertegenwoordigd: Nederlandse Vereniging van Journalisten, Nederlandse Dagbladpers, Persmuseum, Free Voice, Press Now en Radio Wereldomroep Nederland, nodigt u uit voor de Persvrijheidlezing 2008.

    http://www.forumdemocratie.nl/internet_en_persvrijheid

  2. kruitvat zegt:

    Archief:

    De stoottroepen van de persvrijheid

    Al jaren vliegen de readers, boeken en debatten over persvrijheid je om de oren. Maar in alle discussies is er één opvallende afwezige: internet. En dat terwijl juist hier de meeste felle en complexe voorhoedegevechten voor journalistieke vrijheid worden geleverd. Als het woord ‘internet’ valt in een discussie onder journalisten, dan is de kans groot dat het wordt ingezet om negatieve effecten te illustreren. Internet is een onbetrouwbaar stinkende poel van misleidende informatie van a-journalistieke amateurs, zo hoor je sommigen denken. Vraag diezelfde journalisten wat hun allereerste bron is als ze een artikel schrijven, en hetzelfde medium komt nagenoeg altijd als eerste uit de bus. De keren dat geciteerd wordt uit een internetforum om te laten zien hoe de verderfelijke geluiden uit de samenleving eruit zien – ‘grabbeltonjournalistiek’ – zijn niet meer te tellen. Daarnaast, als je NOS.nl per definitie onbetrouwbaarder vindt dan het NOS Journaal, dan behoor je tot een zeer extravagante minderheid.
    De uiterst ingewikkelde haatliefde verhouding die journalisten hebben met de nieuwe media, is een uiterst significante factor in de persvrijheidissues. Immers, ongemerkt wordt internet nog elke dag belangrijker voor de nieuwsconsument en de professional. Daartegenover, het dédain van de gemiddelde journalist (of politicus) zorgt ervoor dat internet buiten de discussies blijft en wetgever en justitie er behoorlijk losjes met de persvrijheid kunnen omgaan. Ongestraft en bijna ongezien.

    In de zomer van 2004 besloot digitale burgerrechtenbeweging Bits of Freedom het verantwoordelijkheidsgevoel van enkele grote providers onder de loep te nemen. Bij tien van hen werd een kleine site opgezet en een tekst van Multatuli – inmiddels auteursrechtvrij – geplaatst. Vervolgens liet de stichting de in het leven geroepen advocaat Mr. Drooglever met een anoniem hotmail-adres die providers een mailtje sturen met het verzoek om verwijdering van de site. Het schokkende resultaat: zeven van de tien providers lieten de informatie ogenblikkelijk verdwijnen, zonder er nog een woord aan vuil te maken. Ondanks het anonieme e-mailadres, zonder te kijken naar de wet, zonder de advocaat om meer informatie te vragen.

    Diezelfde achteloosheid ten aanzien van de vrijheid om op internet te publiceren heerst binnen Justitie. Een van de vele mogelijke voorbeelden: met een DOS-aanval kan een kwaadwillende persoon een site uit de lucht halen. Als je het met de informatie niet eens bent, schrijf je een computerprogramma dat de site miljoenen keren per dag opvraagt. Aan dat enorme aantal informatieaanvragen gaat de computer waarop de site functioneert ten onder en wordt soms weken volkomen onbereikbaar (Denial of Service, DOS). Dat kun je vergelijken met een lezer die, uit onvrede met een artikel, de drukkerij binnenloopt om de totale oplage van een krant in brand te steken voordat die bij de abonnees in de brievenbus valt. Dat gebeurde in het recente verleden al bij Overheid.nl, Radio538.nl, Geenstijl.nl en de site van politieke partij AEL. In alle gevallen reageerde Justitie traag en zelfs expliciet ongeïnteresseerd, zelfs toen de verdachten bekend bleken en volmondig toegaven dat zij de aanstichters waren. Nu waren het nog sites die op de grens met de journalistiek verkeren. Maar wat gebeurt er als een prominent internetjournalistiek medium aan de beurt is?

    Ook op het gebied van bedreiging van internetjournalisten en het weren van destructieve of zelfs onwettig opererende online gebruikers kan niet op Justitie gerekend worden. In zaken van online persvrijheid staat de journalist er alleen voor. Sterker nog, daarin is de overheid een van de meeste prominente tegenstanders.
    Het kan niet worden ontkend dat het discussieklimaat bijzonder snel is verhard en dat internetsites daarin niet zelden een minder fraaie rol vervullen. En dat is ook logisch. Niet iedereen is journalist, of zelfs maar een persoon met de intentie zich aan de wet of de ongeschreven regels van het fatsoen te houden. De laagdrempeligheid van het medium staat zo garant voor uitingen die, om het voorzichtig te zeggen, aan subtiliteit wat te wensen overlaten.

    Dat Justitie daartegen wil optreden is begrijpelijk, redelijk en zelfs wenselijk. Maar in tijden waarin het toverwoord ‘terreur’ op de lippen van overheidsfunctionarissen ligt, kun je een behoorlijk eenzijdige benadering van ‘het probleem internet’ verwachten. En dat is dan ook de situatie van de afgelopen jaren.
    Er is geen sprake van een afweging waarin ook persvrijheid, verschoningsrecht of controleerbaarheid een rol spelen. Zo kan elke opsporingsambtenaar de gegevens van bezoekers van je website opvragen; toelichting is niet noodzakelijk. Omdat een internetjournalist zijn ‘drukkerij’ niet in eigen beheer heeft, maar aangewezen is op providers, is een e-mailtap geen enkel probleem. Zo kan technisch zelfs het verschijnen van je site met één druk op de knop onmogelijk worden gemaakt, zonder dat je er maar iets over te zeggen hebt.

    Dat onze eigen vrijheidslievende overheid zoiets nooit zou bedenken of durven is helaas een te mooie droom. In december 2004 stelde het PvdA-kamerlid Van Heemst serieus voor dat de AIVD hackers in dienst zou nemen die haatdragende buitenlandse sites zouden uitschakelen. ‘Om Nederland te beschermen tegen het gif van verkeerde ideeën’, zo voegde hij er trots aan toe.

    De eerste stappen
    In de praktijk zijn de eerste stappen al gezet. Van Indymedia.org, een respectabele journalistiek-activistische site, heeft de FBI zonder toelichting alle computers in beslag genomen. Inmiddels houdt de internationale journalistenbond IFJ zich intensief met de zaak bezig. De Nederlandse vestiging van Indymedia moest zich na een bedreiging aan het adres van Geert Wilders door een bezoeker (die door de redactie al na drie kwartier werd verwijderd), behoorlijk schrap zetten. Uiteraard moesten de gegevens van de bezoeker door de sitemakers worden overgedragen, maar die claimen niet in het bezit te zijn van die informatie. Justitie kwam op een vrijdagavond met een kortlopend ultimatum zodat geen juridische hulp meer kon worden ingeschakeld. Deze casus wekt meer de indruk van pesterij dan van een zorgvuldig doorlopen procedure.

    Halsstarrigheid als grondhouding is onzinnig. Zo moeten internetredacties zich ervan bewust worden dat ze moreel en juridisch verantwoordelijk zijn voor de reacties van hun lezers. Het verschoningsrecht mag niet worden gebruikt om onwettige uitingen uit de wind te houden, als zij geen maatschappelijk of journalistiek belang vertegenwoordigen. Laten we dat bewaren voor de klokkenluiders of onmisbare anonieme bronnen.

    Daar staat tegenover dat wij moeten beseffen dat persvrijheid ook online een waarde vertegenwoordigt, waarmee we solidair moeten zijn. En die is in acuut gevaar. Internetjournalisten vormen de voorhoede, de stoottroepen van de persvrijheid en het beeld is bijzonder grimmig. De internetrecherche van de KLPD blijft maar sollicitanten werven en de komende Europese internetwetgeving voorspelt ook niet veel goeds.

    Als we ook in ‘de nieuwe journalistiek’ willen opkomen voor de persvrijheid moeten we ook nog de lastige hindernis van de definitie nemen: voor welke sites moet de journalistiek nog opkomen? Wie noemen we online nog journalist? Er kunnen nog wel wat readers, boeken en debatten bij.

    KADER: Internetjustitie
    Minister Donner gaf in antwoorden op kamervragen recentelijk aan hoe Justitie op het gebied van de digitale opsporing is georganiseerd en waartoe dat heeft geleid. Hij legde uit dat de opsporing drie niveaus kent voor de aanpak van computercriminaliteit. Elk regiokorps beschikt over een eigen Bureau Digitaal Rechercheren. Bovenregionaal zijn er de Bureaus Digitale Expertise en op landelijk niveau is er de Groep Digitaal Rechercheren van het KLPD. Er zijn in totaal acht bovenregionale bureaus Digitale Expertise. In totaal zijn 115 mensen werkzaam in de digitale recherche. Bij het OM zijn volgens de minister van Justitie in de jaren 1998 tot en met 2004 (tot medio november) 225 zaken binnengekomen die vallen onder de Wet computercriminaliteit. Hiervan zijn 82 zaken gedagvaard (36 procent), 64 zaken geseponeerd (28 procent), 69 zaken geschikt (31 procent) en 10 zaken voorwaardelijk geseponeerd (4 procent). In 53 zaken is door de rechter een straf opgelegd, en in zes zaken een vrijspraak gevolgd. Van de overige zaken is de uitkomst nog niet bekend.

    http://www.nvj.nl/internetonderzoek/de-stoottroepen-van-de-persvrijheid.html

  3. kruitvat zegt:

    Persvrijheid – Internetcensuur – Facebook

    Gisteren, na de publikatie van dit bericht ‘Persvrijheid: internetcensuur – filters’ en de hierbij gevoegde commentaren, ontving prinses Jacqueline de Croÿ plotseling een antwoord op de klacht die zij een 3-tal maanden geleden bij Facebook omtrent de desactivering van haar account ‘Jacqueline de Croÿ’ en de groep ‘Droit Fondamental’ indiende. Bij deze desactivering verdween ook alle informatie van deze account en van deze groep op Facebook.

    In haar antwoord deelde Facebook gewoon mede dat de prinses de ‘gebruikersoveréénkomst had geschonden’. Zij liet verstaan dat de desactivering van de account en de groep, onherroepelijk was.

    De prinses reageerde niet omdat men toch niet veel wijzer wordt van dergelijke mededelingen en Facebook met de argumenten van een klacht blijkbaar geen rekening houdt.

    Een paar uurtjes nadien werd haar Facebook account ‘Jacqueline de Croÿ’ plotseling opnieuw geactiveerd. (http://www.facebook.com/profile.php?id=1273288285http://www.facebook.com/profile.php?id=1273288285#!/profile.php?id=1273288285&sk=wall)

    De oorspronkelijke groep ‘Droit Fondamental’ op Facebook, met meer dan 2.000 leden/contacten, bleef echter gedesactiveerd zodat ook de informatie van deze groep, ontoegankelijk blijft voor het publiek.

    Er werd intussen een nieuwe groep ‘Droit Fondamental’ geöpend op Facebook (http://www.facebook.com/pages/Droit-Fondamental/104249449654182?ref=ts)

    De prinses heeft ook een nieuwe account, ‘Pcesse J. de Croÿ’ genaamd, op Facebook geöpend (http://www.facebook.com/profile.php?id=100002090389128) voor zoverre deze account niet om dezelfde geheimzinnige reden als de eerste account, wordt gedesactiveerd.

  4. Pingback: Persvrijheid – Internetcensuur – Facebook | persvrijheid

  5. Pingback: Internetcensuur: Facebook « Morkhoven archives archieven archivi

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s